Draagstructuur, algemene woningbouwsystemen






Noem minimaal 2 uitvoeringswijzen in gietbouw:
Wand- en tafelbekisting, met afzonderlijke bekistingen voor wand en vloer.
Wandbekistingen met breedplaatvloeren, waarbij gestorte betonwanden worden gecombineerd met prefab-breedplaatvloeren.
Tunnelbekisting, waarbij zowel wanden als vloeren in een arbeidsgang volledig ter plaatse worden gestort.

Warmtepomp

Toelichting keuze verwarmingsinstallatie

In verband met de hoge eisen die aan de EPC gesteld worden, kan met een warmtepompsysteem veel bespaard worden. De hogere investeringskosten zullen op den duur door het lagere energieverbruik betaald worden. Om de hoge investeringskosten te drukken moet aangedrongen worden op een collectief systeem voor de WKO-opslag. In het kader de behaaglijkheid gaat de voorkeur uit naar een systeem met vloer- en/of wandverwarming. Dit afgiftesysteem is uitstekend te combineren met een warmtepomp voor de opwekking van de warmte omdat de warmtepomp beter presteert bij een laagtemperatuur verwarming en zodoende een groot afgifte-oppervlak nodig heeft om een behaaglijke binnenruimtetemperatuur te bereiken. Bovendien heeft een laagtemperatuursysteem ook een gunstige invloed op de EPC. Voor de warmtepomp kan gekozen worden voor de Thermia Comfort (zie bijlage). Dit is een een elektrische (compressie-) warmtepomp met een geintergreerde voorziening voor warm tapwater. Deze warmtepomp kan in de zomer gebruikt worden voor koeling en zodoende bijdraagt aan het zomercomfort.

Keuze warmwatertoestel

Bij de keuze van het warmwatertoestel spelen diverse factoren een rol, zoals de benodigde investering, de installatiemogelijkheden, de beschikbare energiebron, het energieverbruik en het gewenste comfort. In de EPN worden verschillende waarderingen toegekend aan de diverse toestellen, wat betreft rendement en energieverbruik. Soms is het nodig een toestel te kiezen met een hoger rendement om de EPC-eis te halen. Soms kan hierbij de keuze voor een zuinige installatie aantrekkelijker zijn qua investering dan betere bouwkundige voorzieningen, zoals een hogere Rc-waarde van de isolatie. Qua comfort is niet elk toestel voor elke situatie geschikt. Daarnaast kunnen de wensen van de gebruiker uitlopend zijn. Op basis van een Conform Warmwaterklasse wordt bepaald welk toestel voldoet. Hoe meer tappunten men gelijktijdig wil gebruiken, des te groter moet de capaciteit van het toestel zijn. Indien er eisen gesteld worden aan leiding- en toestelwachttijd, kan dit gevolgen hebben voor de keuze van het toestel. Ook moet het warmtapwatertoestel geschikt zijn om de verlangde volumestroom te kunnen leveren.

Vraaggestuurde roosters

Vraaggestuurde roosters
Bij de meeste vraaggestuurde ventilatiesystemen wordt de toevoerlucht via elektronisch geregelde ventilatieroosters per vertrek toegevoerd en centraal afgezogen. Daardoor is een gebalanceerd systeem overbodig, wat het aantal kanalen betreft.
Kenmerk van een vraaggestuurde ventilatiesysteem is dat de ventilatie afhankelijk kan worden gemaakt van de aanwezigheid van personen. De hoeveelheid ventilatielucht wordt geregeld door een klok op basis van de luchtvochtigheid en het CO2 gehalte van de binnenlucht. Daardoor worden alleen vertrekken geventileerd waar mensen aanwezig zijn. Ten opzichte van een natuurlijk ventilatiesysteem en afhankelijk van het product kunnen aanzienlijke verbeteringen worden bereikt in de EPC van 0.15 tot 0.25.

Ventilatieplan WTW unit

Toelichting ventilatieplan
Beganegrond:
Vereiste afzuigcapaciteit:
Woonkamer: 31m2 x 0.9 = 27,90 dm3/s
Keuken: 21 dm3/s
Toilet: 7 dm3/s
Totaal: 56 dm3/s
Toevoer staat gelijk aan afvoer waardoor de vereiste toevoercapaciteit ook 56 dm3/s bedraagt.
Eerste verdieping:
Afvoer badkamer en wc hebben een gezamenlijk afvoercapaciteit van 21dm3/s. Hierop is de toevoercapaciteit op afgestemd en de toevoer punten bevinden zich in de slaapkamers die gezamenlijk ook een toevoercapaciteit van 21 dm3/s hebben.
Tweede verdieping:
Slaapkamer 1: 8,6m2 x 0.7= 6 dm3/s
Slaapkamer 2: 11,5m2 x 0.7= 8 dm3/s
Totaal: 14 dm3/s
Om de toevoer te compenseren met 14 dm3/s is in de hal tussen de slaapkamers een afvoerpunt geplaatst met een afvoercapaciteit van 14 dm3/s.

Keuzen en analyse constructie

Draagstructuur ontwerpen en keuze maken in type bouw

Bij het ontwerpen van de draagstructuur moet men sterk rekening houden met de arbeidsintensiviteit van de toepaste materialen dat zich weer in de kosten en de uitvoeringstijd vertaald. Bijvoorbeeld bij toepassing van kalkzandsteen blokken of bakstenen weet je dat het verwerken van dat materiaal arbeidsintensief is. Waardoor je meer personeel en meer tijd nodig hebt om die te verwerken. Dat drukt zich uit in hogere bouwkosten.
Ook een belangrijk punt is de samenstelling van de constructie. Omdat men steeds meer naar hogere RC waarde verlangt wordt bijvoorbeeld de spouwmuur steeds dikker. Waardoor je bredere funderingsstroken nodig hebt. Dus ook meer materiaal moet verwerken. De nadelige effect hiervan is voornamelijk te merken bij grotere bouwprojecten. Ook een duidelijk punt is vanwege de dikkere bouwpakket of de gewenste stabiliteit ook wel gewaarborgd blijft. Want uiteindelijk is de bedoeling dat binnen en de buitenblad gezamenlijk de bovenliggende krachten opvangen en die overdragen naar de fundering.
Om dit soort zaken voor te zijn moet men in onze ogen antwoord zoeken in de nieuwe materialen die op de markt komen, voornamelijk op gebied van isolatie. Een isolatie die met een geringde dikte toch de gewenste Rc waarde haalt vertaald zich weer in slankere constructie. Ook een belangrijk punt of je überhaupt spouwmuren moet toepassen. Spouwmuur is een standaard begrip in de Nederlandse bouwwereld maar door bijvoorbeeld de buitenblad te elimineren kun je een veel slankere constructie verkrijgen. Die ook weer minder arbeid intensief is toe te passen.
Als alternatief is gietbouw en toepassing van geprefabriceerde bouwelementen de oplossing.
Bij dit project zijn wij van een combinatie uitgegaan. De grootte van het bouw project heeft hierin ook de doorslag gegeven.